Geplaatst in Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty, deel 13: Indringers

Eindelijk fietsen we de straat uit.
Het duurde heel lang voordat de moeder van Victor naar bed ging. Toen het helemaal stil was geworden, gaf Victor een seintje. Ik kroop onder het bed vandaan. Mijn linkerbeen sliep. Ik kon er bijna niet meer op staan. Victor deed zijn horloge om en trok een hoody over zijn hoofd aan. Hij gebaarde dat ik er ook één aan moest trekken. Toen ik hem vragend aan keek, vormde hij met zijn mond het woord ‘koud’. Tuurlijk, het is al nacht en niet meer zo warm. Heel zachtjes liepen we de trap af. Victor deed voorzichtig de voordeur open. Snel gingen we naar buiten. Ik deed tantes fiets van het slot, stapte op en reed weg. Op straat sprong Victor achterop.

Na een klein stukje fietsen, zie ik in de verte het huis van tante al. Er brandt geen licht. Een donkere auto staat voor de deur. Ik knijp hard in de remmen. Victor springt net op de tijd van de fiets anders waren we omgevallen. Hij wil protesteren, maar ik doe mijn vinger voor mijn mond.
‘Ssst, daar staat de auto die achter ons aan zat.’
Victor knijpt zijn ogen tot spleetjes. ’Er zit iemand in,’ fluistert hij.
‘Wat doen we nu? Ik durf er niet langs.’
‘Nee, beter van niet. Kunnen we achterom? Misschien is je tante toch thuis en dan kunnen we de politie bellen.’
‘Nee achterom gaat niet, maar ik heb een idee. We kunnen via de tuin van de buren proberen. Die zijn op vakantie.’
We fietsen een zijstraat in. Ze komen we achter het huis van de buren. Hier stappen we af. Victor kijkt naar de tuinmuur. ‘Daar komen we nooit overheen.’
‘Dat hoeft ook niet,’ zeg ik. ‘Verderop is een opening. Daar kunnen we net doorheen.’ Het is even zoeken tussen de struiken, maar dan vinden we de opening in de muur die Estelle en David mij hebben laten zien. We kruipen onder de takken door en staan dan in de tuin van de buren. In het donker ligt het huis er helemaal verlaten bij. Het water in het zwembad maakt af en toe een gorgelend geluid. Verder is het stil, erg stil. Ik voel me niet op mijn gemak.
‘Creepy,’ fluistert Victor. Voorzichtig lopen we langs het zwembad en het kleedhuisje. Ik wijs hem het gat in de heg naar de tuin van tante.

‘Weet je moeder dat je hier bent?’ klinkt een mannenstem. Van schrik blijf ik staan. Als ik om kijk, zie ik dat een man Victor bij zijn schouder heeft gepakt.
‘Laat me los Remco.’ Victor probeert zich los te schudden.
‘Geef eerst antwoord, wat doe je hier?’
‘Wat doe jij hier?’
Remco pakt Victor steviger vast.
‘Niet zo brutaal mannetje.’
Ik heb maar één ding in mijn hoofd, hoe kom ik zo snel mogelijk in het huis van tante? Ik probeer weg te duiken in de heg maar loop recht in de armen van een andere man.
‘Hé juffertje, waar gaan we naar toe?’
De man draait mijn arm op mijn rug. Dat doet gemeen pijn. Tranen springen in mijn ogen, nu komt het niet meer goed. De man duwt me voor zich uit verder de tuin van de buren in. Mijn benen zijn helmaal slap.
‘Wie zijn dit Rem?’
‘Mijn stiefzoon met zijn vriendinnetje.’
‘Shit, dat kunnen we nu niet gebruiken.’
‘We nemen ze mee naar binnen.’

Bij de tuindeuren staat nog een man. Ouder dan de andere twee. Hij heeft iets bekends, maar niet prettig. Hij kijkt langzaam van Victor naar mij, alsof we vieze vliegen zijn.
‘Ha, dus dat zijn de indringers. Goed dat je dat zag jongen. Ze hadden er misschien de politie bij gehaald.’
‘Wat doen we met ze?’
‘We sluiten ze op in de kelder. Morgen zijn we hier klaar. Als de politie ze dan vindt, zitten wij hoog en droog op een palmenstrand.

Waar waren we ook al weer gebleven? Klik hier.

Of wil je bij het begin beginnen? Klik dan hier.

Geplaatst in Huis, tuin en keuken

De finish

Het valt met bakken uit de lucht. Ik zei nog tegen onze Cor:

‘Vandaag gaan we niet hoor, wat kan mij die medaille schelen.’

Cor wilde daar niets van weten. Dus zit ik in mijn natte goed de hele rit uit. Er staat ook nog een nare wind als we langs de kantoren rijden. Morgen ben ik verkouden. Ja, duw jij je ouwe moeder maar lekker Corretje. Werk je maar in het zweet. Hoe meer je transpireert, hoe heiliger je voelt. Kijk eens hoe lief ik voor mijn moedertje ben. Alles voor de buitenkant bij onze Corry. Normaal komt ze nooit eens langs. Maar in de week van de rolstoelvierdaagse weet ze haar moeder weer te vinden. Allemaal om indruk te maken op die voorzitter van het Rode Kruis. Als ze straks niet kijkt, duw ik mijn wagentje tegen meneer zijn schenen.

Gelukkig, we zijn bijna bij de finish. Nee zeg, wie heeft Cor nu weer overgehaald om ons op te wachten met bloemen? Het is die valse zuurpruim uit de Vivaldistraat. Dat wordt gezellig koffiedrinken en eindeloze verhalen aanhoren over al haar kwalen.

De Finish, Gekleurde Gedachten, Karien Damen

Geplaatst in Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty deel 12: Naar de politie?

Nadat Victor zijn broertje naar bed heeft gestuurd, kijken we op de computer of we een aanwijzing kunnen vinden waar tante is. Volgens haar agenda had ze vandaag een gewone dag met afspraken op kantoor. Behalve van vier tot vijf uur, daar staat:

Politiebureau 

‘Ze had dus gewoon op tijd thuis kunnen zijn. Er moet iets ergs gebeurd zijn.’ Hierna hou ik mijn mond. Ik durf niet verder te denken.
Victor staart naar het scherm. ‘Zo komen we niet verder, ‘ zegt hij na een tijdje. ‘We moeten echt gaan zoeken.’

‘Is het niet beter om naar de politie te gaan? Laatst zijn tante en ik achtervolgd.’

‘Dat vertel je nu pas.’
‘Sorry, ik denk er nu pas weer aan.’
‘Jeetje zeg, hoe kun je daar niet aan denken?’
Ik vertel Victor over de achtervolging nadat we boodschappen hadden gedaan. ‘Tante deed er heel koeltjes over alsof het niets bijzonders was.’
‘Allemachtig en nu ook nog dat hacken. Dit is serieuze shit. Als mijn moeder terug is, sluipen we het huis uit. Kijken of je tante misschien toch gewoon thuis is.
‘Ja, en als dat niet zo is, gaan we naar de politie.’
‘Stil, ik hoor wat.’
Ik hoor het ook, er stopt een auto voor het huis. Victor doet snel het licht uit. We houden onze adem in. Twee portieren gaan open en klappen dicht.
‘Dat is mijn moeder met die slijmbal,’ fluistert Victor. ‘Die mogen niet weten dat jij hier bent, want dan kunnen we niet weg.’

‘Tantes fiets staat in jullie tuin,’ fluister ik verschrikt terug.

‘Ssst, misschien hebben ze niets in de gaten.’

Buiten klinkt een vrouwenstem: ‘Ga je nog mee naar binnen, de jongens slapen al’

‘Nee liefje, vanavond niet, ik moet nog wat regelen.’
‘Zijn je vrienden weer belangrijker dan ik?’
‘Nee, je weet wel beter, maar die leuke etentjes met jou moeten ergens van betaald worden, toch?’

Even horen we niets, dan klinkt het zacht:

‘Misschien dat ik straks nog even kom.’
Er klinkt wat gerommel en het geluid van een sleutel die omgedraaid wordt in een slot.

Ik krijg een por van Victor: ‘Vlug, verstop je onder het bed.’

Ik wring me tussen de rommel onder het bed. De auto rijdt de straat uit. Dan is het stil en hoor ik alleen mijn hart kloppen.

 

Waar waren we ook al weer gebleven? Klik hier.

Of wil je bij het begin beginnen? Klik dan hier.

Geplaatst in Huis, tuin en keuken

Een koninklijk cadeau

Een koninklijk cadeau, gekleurde gedachten, Karien DamenHet was een druk weekje. Gelukkig zijn alle festiviteiten voorbij en hebben we tijd om mijn verjaardag in huiselijke kring te vieren. Het vierkante pak dat Max me voorzichtig in de handen drukt, vertelt me niet veel over wat er in zit. Dat is jammer, want Max houdt angstvallig mijn gezicht in de gaten. Ze wil direct mijn reactie peilen en ik stel haar niet graag teleur. Max is wat dat betreft zo gevoelig. Dat komt door haar Argentijnse roots. In dit kikkerlandje zijn we ook veel te eerlijk voor haar. Ik trek het papier los en sta direct voor een raadsel, een citruspers. Wat wil ze me daar nu mee zeggen?

‘Moet ik daar soms de appeltjes van Oranje mee uitpersen?’ grap ik. De meiden lachen met me mee. Al draait Amalia met haar ogen. Alsof ze wil zeggen: ‘foute grap, pap.’
‘Nee,’ briest mijn lieftallige echtgenote, ‘nu doe je weer een beetje dom. Ik zou zo graag willen dat jij weer eens, net al vroeger, een ontbijtje voor me maakt in plaats van het personeel.’

Schrijfopdracht werkgroep Proza (bibliotheek Zoetermeer)

Stap 1: Associeer op een voorwerp uit de keuken
Stap 2: Stel je voor Willem Alexander krijgt dit voorwerp cadeau voor zijn verjaardag, schrijf vanuit zijn gezichtspunt een kort verhaal

 

Geplaatst in Huis, tuin en keuken

Het takje dat wilde leren vliegen

Het takje dat wilde leren vliegen, Karien Damen, Gekleurde Gedachten
Het takje dat wilde leren vliegen

Er was eens een klein takje aan een oude boom dat graag wilde leren vliegen. Want, als hij kon vliegen, kon hij de wereld zien voorbij het bos. Hij vroeg aan de andere takken hoe hij dat moest leren. Maar ze lachte hem uit.
‘Dom takje, we zitten allemaal vast aan de boom. We zullen nooit kunnen vliegen. Geniet er maar van als de wind waait. Dat is het beste wat je kan doen.’
Dat deed het takje een tijdje, genieten als de wind waaide en zijn blaadjes alle kanten op deed staan. Maar als de lucht blauw was en witte wolken voorbij dreven, kwam het verlangen terug. Kon hij daar maar hoog in die lucht zweven.

Op een dag, het was al herfst, streek een ekster neer in de boom en ging op het kleine takje zitten. De ekster was zwaar. Het takje moest er van zuchten.
‘Is er wat, takje?’ vroeg de ekster.
‘Je bent een beetje zwaar, ekster.’
‘Zal ik op een andere tak gaan zitten.’
‘Nee, doe dat niet. Wil je mij alsjeblieft flink vastpakken en proberen los te trekken. Ik wil graag leren vliegen.’
De ekster vond het wat vreemd maar hij begon te schudden aan het takje. ‘Hou op, hou op, stomme vogel,’ schreeuwden alle andere takken. ‘Zo raken we in elkaar verward.’
De ekster vloog op en ging op zoek naar een zwijgende boom.
De takken in de oude boom trilden hevig na. Was het van woede of was het van angst? Het takje wist het niet. Het leek hem beter het ook maar niet te vragen. Hij was zelf ook geschrokken van het schudden. Hij hing nu niet meer zo recht als eerst.

Die nacht stak er een storm op. De oude boom kreunde. De wind trok aan alle takken. Al snel waaiden de eerste vergeelde bladeren op de wind mee door de zwarte lucht. Het takje kon zijn eigen blaadjes bijna niet meer houden. Eén flinke ruk en daar vloog het takje, hoog boven de bomen. Het duurde maar even. Met een smak kwam hij terecht in de modder. Daar bleef hij liggen.

De zon kwam op en scheen over het bos, waar de oude boom in één nacht kaal was geworden. Een straal zonlicht viel op het takje dat niet ver van de boom op een pad lag. Een natte neus snuffelde aan het takje.
‘Wat heb je daar Benno?’ klonk een mensenstem. Het takje voelde dat hij werd opgepakt door een hand.
‘Goed gedaan Benno, dat ontbrak nog aan ons werkstuk.’ Het takje viel in een zak met dennenappels. Boven op die dennenappels en een zacht stukje mos zweefde hij het bos uit, de wijde wereld in.

Geplaatst in Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty, deel 11: Waar is tante?

Dit is een fragment van mijn nieuwe verhaal. Onder het fragment staat een samenvatting. Wordt vervolgd.

Ik pak de fiets van tante Hetty uit het schuurtje, doe het hek achter mij dicht en fiets de straat uit. Victor woont ergens achter onze school, in een wijk met rijtjeshuizen. Het zijn kleine huizen, met weinig ramen. Het is alsof de huizen zeggen bemoei je met je eigen zaken. Ons huis is ook klein maar lacht je toe. Tegen ons huis wil je gewoon gaan praten. Ik zet de fiets in de voortuin. Dat doet iedereen hier.
‘Ben jij Mara?’ Het jongetje dat de deur open doet kijkt me nieuwsgierig aan.
‘Ja, en hoe heet jij?’ ‘Ludo, net als de engerd uit Goede Tijden, Slechte Tijden.’ Hij rent lachend de trap op. Ik zie verder niemand en loop achter hem aan naar boven.

‘Ik ben hier, Mara,’ klinkt het vanachter een deur rechts. Ik duw hem verder open. Victor zit achter een computer in een kamer vol apparatuur. Ludo zit naast hem heen en weer te wippen: ‘Ik ben aan het winnen.’
‘Ludo, ik moet Mara wat laten zien. Ga jij maar even tv kijken beneden. Straks spelen we verder, oké?’
‘Waarom mag ik niet meekijken?’
‘Dit is privé, ja.’
‘Gaan jullie zoenen?’
’Doe niet zo stom, ga nu maar gewoon naar beneden.’
Ik ga naast Victor zitten. Hij rolt met zijn ogen.
‘Naar beneden, zei ik toch,’ roept hij in de richting van de trap.’ Bonzende stappen verdwijnen naar beneden.

Ik kijk de donkere kamer rond. De gordijnen zijn dicht. Onder het raam staat een bed bezaaid met kleding. Daar bovenop liggen twee platte dozen met de deksel open. Er liggen resten pizza in. Ik voel ineens dat ik honger heb. Victor volgt mijn blik.
’Neem maar, als je trek hebt.’
Ik zoek een stuk uit met salami. Dat vind ik het lekkerst.
’Waar komt Victor vandaan?’ vraag ik als ik een eerste hap heb genomen.
Hij kijkt me niet begrijpend aan.
‘Je naam?’ en ik neem nog een hap.
‘Mijn moeder kijkt teveel tv. Ken je Flikken Maastricht?’
Ik knik.
‘Daar zit zo’n sneu type in. Vroeger had ie een quiz. Lucky Letters, ken je dat?’
Ik schud mijn hoofd.
‘Maakt niet uit, ze valt gewoon op sneue types. Kom, ik zal je laten zien wat ik heb gevonden. Kijk, ze hebben in deze map zitten neuzen.’
‘Hoe kan je dat zien?’
‘Door het spoor dat ze hebben achtergelaten.’
‘Nee, dat bedoel ik niet. Hoe kan het dat je in de computer van tante kunt kijken?’
Victor laat zijn handen boven de computer hangen.
‘Ik ken het wachtwoord toch.’
‘Jij bent echt erg. Ik heb gezegd dat je op moest houden.’
‘Ja, ik weet het, sorry. Maar jij komt meteen als ik bel.’
‘Oké, jij wint, laat maar zien.’
Kijk, hier zie je wat ze hebben geopend. Het gaat over drugshandel. Je tante was de advocaat van ene Bert Verkerk.’
‘Dat is Bert van de delicatesse zaak. Zo, dat wist ik niet. Ik heb wel gehoord dat hij in de gevangenis heeft gezeten.’
‘Het zijn verslagen van gesprekken. Het gaat ook over twee andere mannen, een broer en een neef. En weet je hoe dat sneue type van mijn moeder heet?’
‘Remco?’
‘Ja precies, Remco. Remco Verkerk, hij is de neef van Bert Verkerk.’
‘Maar waarom is dat zo belangrijk en wat heeft tante daar nù mee te maken?’
‘Dat zou ik ook wel willen weten.’
Een tijdje weten we niets te zeggen. Victor houdt me een doos pizza voor. Ik schud mijn hoofd.
‘Tante was daar straks nog niet thuis. Ik maak me zorgen.’
Ik pak gelijk mijn telefoon om te bellen. Ze neemt nog steeds niet op.

Samenvatting: Het is zomer. Ik ga logeren bij tante Hetty. Mijn moeder moet namelijk naar Katmandoe. Daar ligt mijn vader in het ziekenhuis nadat hij gered is op de Lhotse een bergtop naast de Mount Everest. Mijn vader is alpinist. Ik kan niet mee want ik zit in de laatste schoolweken voor de zomervakantie.
Tante Hetty is advocaat en eigenlijk is ze de tante van mijn moeder. Ze is niet getrouwd, rookt en drinkt als een ketter. Mijn moeder blijft maar weg en de schoolvakantie begint.
Ik verveel me. Ik staar in het scherm van de computer en het lijkt me uit te nodigen. Een jongen verschijnt in beeld en nodigt me uit de virtuele wereld in te stappen. Ik wil dat helemaal niet totdat blijkt dat tante Hetty in gevaar is. Iemand uit de onderwereld heeft het op haar gemunt. Ik stap toch de virtuele wereld en samen met de jongen, die Victor heet, ontmasker ik de misdadigers.

Geplaatst in Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty deel 10, Fanta

Dit is een fragment van mijn nieuwe verhaal. Onder het fragment staat een samenvatting. Wordt vervolgd.

Als ik wil antwoorden, doet Victor zijn vinger voor zijn mond. ‘Ik heb dorst,’ zegt hij dan. ‘Zullen we wat gaan drinken in de keuken?’ Vol vragen loop ik achter hem aan de trap af naar de keuken. Waarom wil Victor ineens naar de keuken en waarom moet ik mijn mond houden? Denkt hij soms dat we gefilmd worden? Of misschien zelfs afgeluisterd?

‘Wat is dat voor een camera?’ vraagt Victor als we in de keuken zijn.
’Die is van het alarmsysteem. Als iemand het raam probeert open te breken gaat er beelden naar de centrale. Hij werkt alleen als het alarm aan staat.’
‘Weet je dat zeker? Het is een makkelijke manier om te zien welke wachtwoorden iemand intypt’
‘Jij zoekt ook overal wat achter.’
‘Ja, en jij ziet de wereld aan voor een glaasje Fanta.’
’Je wilde wat drinken.’ Ik loop naar de koelkast om limonade te pakken. ‘Er is alleen maar cola.’
‘Dat is ook goed. Zijn er nog meer camera’s?’
‘Bij de tuindeuren en bij de voordeur.’
We lopen zwijgend door het huis om de camera’s te inspecteren. Ze lijken onschuldig.
‘Kunnen we ze niet afplakken?’
’Nee, dat hebben ze meteen in de gaten. We gaan dat bureau boven gewoon een beetje anders zetten.’
‘En wat moet ik dan tegen tante zeggen.’
‘Dat dat beter is voor haar ogen, nu kijkt ze tegen het licht in.’
’Wow, je hebt echt overal een antwoord op.’

Weer boven draaien we het bureau een kwartslag. Dat valt nog niet mee want het is een zwaar houten geval met van die lades er aan vast. Als het eindelijk is gelukt, vind ik het wel mooier. Het lijkt zo meer op kantoor. Ik hoop dat tante er ook zo over denkt. Victor gaat direct weer achter de computer zitten.
‘Zal ik eens uitzoeken wie er achter de hack zit?’
’Nee, we hebben al genoeg gedaan. De computer is beveiligd. Tante heeft geen probleem meer, klaar.’
‘Wil je dan niet weten waar ze naar op zoek waren?’
Nee, ze kunnen er niet meer bij, dat is genoeg.’
’Hoe dom kun je zijn.’ Victor kijkt me boos aan.
‘Nee, weet je wat echt dom is, aandacht trekken van boeven.’
‘Dan moet je het zelf maar weten.’ Hij slaat met zijn handen op het bureau. Staat op, stampt de trap af en loopt dan zo het huis uit.

En nu zit ik al tijdje alleen in de keuken. Ik was niet aardig tegen Victor. Hij wil  alleen maar helpen, maar ik vind het gewoon gevaarlijk. Het is stil in huis en ik heb honger. Waar blijft tante toch? Ik kan me niet herinneren of ze gezegd heeft dat ze later thuis zou komen. Op mijn mobiel zie ik dat het al zes uur is geweest. Ik toets haar nummer in. Ergens in huis klinkt een bekend liedje. Het lijkt of het uit uit de woonkamer komt. Als het liedje is afgelopen bel ik nog een keer. Het geluid komt uit de bank. Tussen de kussens vind ik een mobiel. Tante is weer eens haar telefoon vergeten. Dan gaat mijn eigen telefoon. Het is Victor.
‘Ik moet je iets laten zien, kun je hierheen komen?’
‘Tante is nog niet thuis en ik maak me een beetje zorgen.’
‘Misschien wil ze gewoon iets afmaken. Dat kan toch? Dit is belangrijker, kom je?
‘Kun je niet hierheen komen?
‘Nee, ik moet op mijn broertje passen.’
’Oké, ik schrijf even een briefje en dan kom ik.’

Samenvatting: Het is zomer. Ik ga logeren bij tante Hetty. Mijn moeder moet namelijk naar Katmandoe. Daar ligt mijn vader in het ziekenhuis nadat hij gered is op de Lhotse een bergtop naast de Mount Everest. Mijn vader is alpinist. Ik kan niet mee want ik zit in de laatste schoolweken voor de zomervakantie.
Tante Hetty is advocaat en eigenlijk is ze de tante van mijn moeder. Ze is niet getrouwd, rookt en drinkt als een ketter. Mijn moeder blijft maar weg en de schoolvakantie begint.
Ik verveel me. Ik staar in het scherm van de computer en het lijkt me uit te nodigen. Een jongen verschijnt in beeld en nodigt me uit de virtuele wereld in te stappen. Ik wil dat helemaal niet totdat blijkt dat tante Hetty in gevaar is. Iemand uit de onderwereld heeft het op haar gemunt. Ik stap toch de virtuele wereld en samen met de jongen, die Victor heet, ontmasker ik de misdadigers.

Geplaatst in Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty, deel 9: Beveiliging

Dit is een fragment van mijn nieuwe verhaal. Onder dit fragment staat een samenvatting. Wordt vervolgd.

‘Ik denk dat de nieuwe vriend van mijn moeder er achter zit.’ Vincent kijkt naar het scherm als hij dat zegt. We zitten achter de computer in de studeerkamer van tante. Ik heb hem net gevraagd waarom we geheimzinnig doen over het hacken. Gisteren moest ik tante een smoes vertellen. Dat vond ik niet leuk. Ik vroeg haar of het goed was dat we haar computer gingen beveiligen. Ze vond het gelijk een goed idee, maar wilde natuurlijk weten waarom ik dat bedacht had. Wat ik had verzonnen was dat het gepraat over computers tijdens het etentje me op het idee gebracht. Tante kijkt altijd dwars door je heen. Ik deed daarom net alsof er een bericht binnen kwam op mijn telefoon, toen ik dat zei.

‘Is die vriend van je moeder dan ook een hacker?’
‘Nee, zo slim is hij niet. Ik denk dat hij vriendjes heeft die hem helpen.’
‘Maar, waarmee dan?’
‘Om informatie te krijgen over mensen die hij wil bestelen. De computer vertelt ze wanneer mensen thuis zijn, of ze een alarmsysteem hebben en wat de code daar van is.’
‘Maar mijn tante heeft geen dure spullen in huis.’
‘Ik zag net een heleboel kunst in de gang hangen.’
‘Je bedoelt die Afrikaanse maskers? Die mag die nieuwe vriend van je moeder zo meenemen.’
‘Die slijmbal wil je echt niet in je huis hebben. Hij is ook veel te jong voor mijn moeder. Ze is helemaal gestoord.
‘Misschien probeert hij alleen maar aardig te zijn.’
‘Begin jij nu ook al.’ Hij zet grote ogen op, wiebelt met zijn hoofd en zegt dan met een hoog stemmetje: ‘Je moet een beetje vriendelijker doen tegen Remco hoor. Hij doet erg zijn best voor jou en je broertje. Waarom heb je zijn horloge niet om? Je moet ook een beetje aan mij denken. Nu je vader ons in de steek heeft gelaten mag ik het ook weleens gezellig hebben.’ Ja, ja, en waar die cadeaus en die dure auto vandaan komen, dat wil ze natuurlijk niet weten. Moet je kijken.’ Hij doet zijn mouw omhoog. ‘Dit is een Applewatch, hartstikke duur. Ze staat er op dat ik hem draag.’
Ik heb Victor nog nooit zoveel zinnen in één keer horen zeggen. Hij gaat weer verder met op het toetsenbord rammen. Ik zie allerlei codes op het scherm voorbij rollen. Hij doet zijn armen over elkaar en kijkt naar mij. ’Zo, nu even wachten tot Windows is geïnstalleerd.’
‘Waarom denk je dat die Remco een dief is? Hij kan toch gewoon rijk zijn.’
‘Hij heeft het steeds over zijn zaak. Ik ben op het adres gaan kijken. Het is gewoon een garagebox.’
‘Dat kan toch?’
‘Er gebeurt de hele dag niks.’
‘Misschien is dat toeval.’
‘Niet alle dagen van de week. Meneer zit overdag in cafe de Consul.’
‘Hoe weet je dat nu weer?’
‘Ik kreeg een tip.’
‘Je lijkt zelf wel een crimineel. Grapje,’ zeg ik er snel achteraan als ik z’n ogen donker zie worden.
‘Ik ging er met Jeffrey poolen. Remco zat er met z’n vriendjes. Hij zei: “Kijk, dat is mijn stiefzoon. Heel handig met computers. Kan ons straks mooi gaan helpen. Maar alleen als zijn moeder dat goed vindt.” En hij geeft een klap op mijn schouder. Al die lui lachen.’
‘Wat een engerd. Zullen we toch maar naar de politie gaan?’
‘Ik heb thuis al zoveel gelazer. Geef mij die security box eens aan.’
Hij wijst naar de gele doos die we vanmiddag gekocht hebben. Ik pak hem van de boekenkast. Vincent neemt de doos niet aan maar blijft staren naar een punt boven de kast. ‘Wat is dat?’ Ik volg zijn blik.

Verder lezen?

Samenvatting: Het is zomer. Ik ga logeren bij tante Hetty. Mijn moeder moet namelijk naar Katmandoe. Daar ligt mijn vader in het ziekenhuis nadat hij gered is op de Lhotse een bergtop naast de Mount Everest. Mijn vader is alpinist. Ik kan niet mee want ik zit in de laatste schoolweken voor de zomervakantie.
Tante Hetty is advocaat en eigenlijk is ze de tante van mijn moeder. Ze is niet getrouwd, rookt en drinkt als een ketter. Mijn moeder blijft maar weg en de schoolvakantie begint.
Ik verveel me. Ik staar in het scherm van de computer en het lijkt me uit te nodigen. Een jongen verschijnt in beeld en nodigt me uit de virtuele wereld in te stappen. Ik wil dat helemaal niet totdat blijkt dat tante Hetty in gevaar is. Iemand uit de onderwereld heeft het op haar gemunt. Ik stap toch de virtuele wereld en samen met de jongen, die Victor heet, ontmasker ik de misdadigers.