Over mijn hoofd jaagt de wind, op donkere wolken in de lucht. Ben je bang voor de storm, mijn kind? Over mijn hoofd jaagt de wind. De moeder grijpt haar kind, bladeren rood en geel, op de vlucht. Over mijn hoofd jaagt de wind, op donkere wolken in de lucht.
Categorie: Huis, tuin en keuken
Het verhaal van de oude boom
Ergens in een groot bos, stond een boom. Het was een mooie loofboom. Ze was krachtig en sterk. Niemand hoefde haar iets wijs te maken, zij zou het allemaal wel eventjes regelen. Zo stond ze stram langs een pad. Maar in de loop der jaren groeiden er steeds minder blaadjes aan haar. Met weemoed dacht ze terug aan vroeger toen ze nog niet zo boos was. Waar was het mis gegaan?

Ze sloot haar ogen en zag voor zich hoe ze pril haar eerste takken naar de hemel hief. Elke windvlaag deed haar blaadjes trillen van zacht genot. Misschien moet ik wat minder boos zijn en weer gaan luisteren naar de wind en mijn blaadjes meebewegen met het zonlicht.
Nu, jaren later staat de boom nog steeds in het bos. Hier een daar is er een tak afgebroken. De laatste storm heeft de top van de kruin weggevaagd. Maar overal zie je nieuw groen blad verschijnen. Als je langs het pad loopt, ga dan gerust tussen de wortels zitten en vertel je verhaal. De boom luistert naar jou.
Een fietsband
Gelukkig is alles is weer normaal. De vakanties zijn voorbij, scholen beginnen weer. Iedereen is ’s morgens weer onderweg. Zo kan ik mijn fietsbanden weer herstellen.
De eerste die ik weer tegenkom is de meester van mijn nichtje. Ik weet wie hij is, maar voor hem ben ik maar een gewone voorbijganger. Er is alleen maar een fietsband tussen ons.
Fietsband (m/v), relatie tussen mensen die elkaar alleen kennen als tegenligger op een dagelijkse fietsroute.
Hij fietst elke dag de tegengestelde route. Hij werkt in het dorp waar ik woon en ik werk in de stad waar hij woont. We zouden misschien van huis kunnen ruilen. Van werk ruilen is wat lastig, ik wil niet voor de klas en hij waarschijnlijk niet een hele dag op kantoor.
Als ik Zoetermeer in gefietst ben, kom ik voornamelijk ouders tegen die hun kinderen naar school brengen. Enkele bakfietsmoeders zwaaien inmiddels vrolijk naar mij. De kinderen zie ik met de seizoenen langzaam groter groeien en één voor één zelf gaan fietsen.
Bakfietsmoeder (v), moeder die haar kinderen in een bakfiets vervoert, doorgaans naar crèche of school.
Vande week kwam ik één van mijn bakfietsmoeders op weg naar huis tegen. Ik was al bijna in Pijnacker. Ze fietste zo maar in de polder met haar kinderen. Ze werd vergezeld door een man op een racefiets. Gezellig een dagje er op uit geweest. We vergaten bijna te zwaaien naar elkaar.
Vergeving
Blauw blauw
Morgen wordt een blauwe dag, niet omdat het maandag is maar omdat ik er zin in heb. Alles ligt al klaar.
Lavendelblauw
Hemelsblauw
Marineblauw
Azuurblauw
Pauwblauw
Blauw past bij mij, blauw past, sinds de uitvinding van de spijkerbroek bij iedereen.
En giroblauw? Giroblauw past bij jou, kijk maar.
Een blauwe maandag, een blauwtje lopen, blauw zijn of juist van de blauwe knoop zijn. Blauw is vertrouwen.
Een melkchocolade eitje hoort in een blauw papiertje.
Mylan waar ben je?
Ik hang hier nu al een week. Het ringetje waaraan ik vast zit begint al te roesten. Een oude man op klompen vond mij tussen het gras. Hij heeft me hier aan het prikkeldraad gehangen. Hij dacht natuurlijk dat Mylan op zoek was naar mij en dat ik zo meer zou opvallen. Maar Mylan is mij vast niet meer aan het zoeken.
Hij weet helemaal niet waar hij mij is kwijtgeraakt.
Op weg naar huis van de voetbal ging hij met zijn vriendjes maiskolven plukken in het veld. Die zouden ze gaan poffen bij Niels. Bij Niels thuis mag alles. Achteloos stak hij mij in de zak van zijn jas. Bij de eerste de beste sprong over een sloot, viel ik er al uit. Ik ben toch wel benieuwd hoe Mylan die middag is thuisgekomen.
Zou hij zijn gaan lopen?
Of is hij bij één van zijn vriendjes achterop gesprongen? Of misschien heeft hij zijn vader direct gebeld? Die vader zal wel woest geweest zijn. Want die kon natuurlijk weer de fiets van zijn zoon ophalen en er een nieuw slot op laten zetten. Zelf ben ik nu natuurlijk waardeloos geworden, maar het schoentje dat naast mij bungelt niet. Ik weet zeker dat Mylan daar aan gehecht was.

Ik ben zichtbaar
Achter de geraniums

Ik hoop dat iemand mij komt redden. Ik zit van de zomer namelijk achter de geraniums. Als iemand dan komt, kan ik vertellen dat dat helemaal niet erg is, sterker nog: ik geniet van het zitten achter mijn geraniums. Een paar weken bevrijd van de kantoortuin en de randstad. ’s Morgens hoor ik vogels zingen, ‘s avonds huppelen konijntjes over het gras. Gisteravond rende een eekhoorntje in de richting van onze tuindeuren. Net op tijd zag hij dat er een mens binnen zat en verlegde hij zijn koers richting het bos.

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat het helemaal niet slecht voor ons is om achter de geraniums te zitten. Het is zelfs goed voor ons. De NRC haalt omgevingspsycholoog Agnes van den Berg, bijzonder hoogleraar natuurbeleving Rijksuniversiteit Groningen, aan. Het kijken naar natuur, zelfs door een raam, kan positieve gezondheidseffecten hebben.

Ik blijf hier dus nog maar even zitten. Hoewel zitten, vanmiddag ben ik de Holterberg op gefietst, zonder trapondersteuning. E. zei dat we rechtsaf moesten. Het was een zandpad dat smaller en smaller werd en het zand steeds ruller en ruller. Ik voelde me een veldrijder. De beloning was een bankje met uitzicht.
Inspiratie op doen op een buitengoed
Voor je ligt het onbekende Je leert het nooit kennen als je niet gaat Til een voet op en zet hem voor de andere Als je in beweging komt ontstaat de weg vanzelf
Dit weekend logeerde ik in een heuse herberg met mijn schrijfgroepje. Nog geen tien kilometer van mijn huis vandaan, maar mijlen verwijderd van de bewoonde wereld, ligt buitengoed de Uylenburg. Een groene oase van rust vlak bij Delft. Het was voor mij de eerste keer dat ik met anderen op schrijfweekend was. Soms zat ik binnen aan een tafeltje in de opkamer, soms aan een grote tafel in het souterrain of lekker buiten als het zonnetje door de wolken brak.
Het was wat wennen om stil bij elkaar te zitten en soms lukte dat ook niet helemaal. Zaterdagavond hebben we drie uur lang zitten praten op harde houten stoeltjes in Café du Midi, maar dat leverde weer stof op voor nieuwe verhalen en een houten kont. Ik heb het verhaal over tante Hetty zoals het tot nu toe is, kunnen opschonen en zelfs een nieuw hoofdstuk kunnen schrijven, geïnspireerd op de kelder in de herberg. Wordt vervolgd!







