Geplaatst in Boeken, Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty, deel 6: Krantenbericht

Dit is een fragment van mijn nieuwe verhaal. Onder dit fragment staat een samenvatting van hele verhaal. Wordt vervolgd.Mijn tante Hetty Verdachten hennephandel

Direct naar deel 7

Samenvatting: Het is zomer. Ik ga logeren bij tante Hetty. Mijn moeder moet namelijk naar Katmandoe. Daar ligt mijn vader in het ziekenhuis nadat hij gered is op de Lhotse een bergtop naast de Mount Everest. Mijn vader is alpinist. Ik kan niet mee want ik zit in de laatste schoolweken voor de zomervakantie.

Tante Hetty is advocaat en eigenlijk is ze de tante van mijn moeder. Ze is niet getrouwd, rookt en drinkt als een ketter. Mijn moeder blijft maar weg en de schoolvakantie begint.
Ik verveel me. Ik staar in het scherm van de computer en het lijkt me uit te nodigen. Een jongen verschijnt in beeld en nodigt me uit de virtuele wereld in te stappen. Ik wil dat helemaal niet totdat blijkt dat tante Hetty in gevaar is. Iemand uit de onderwereld heeft het op haar gemunt. Ik stap toch de virtuele wereld en samen met de jongen, die Victor heet, ontmasker ik de misdadigers.

Geplaatst in Boeken, Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty, deel 5: Kersen

Dit is een fragment van mijn nieuwe verhaal. Onder dit fragment staat een samenvatting van hele verhaal. Wordt vervolgd.

‘Er stond wel een donkere auto aan de overkant van de straat toen we in de winkel waren.’

‘Weet je het zeker? Er zijn heel veel donkere auto’s.’
Tante Hetty gaat langzamer rijden. Zoals mijn vader doet als hij zich ergert aan een bumperklever. De donkere auto haalt ons niet in.
’Eens kijken wat er gebeurt als ik hier af sla?’
Bij de rotonde neemt tante Hetty de weg naar rechts. Normaal zouden we rechtdoor rijden. We rijden nu de stad uit, richting de rivier. Ik kijk in de spiegel of de auto ons volgt. Dat doet hij en er valt me nog iets op. De linkerkoplamp is vastgeplakt met tape. Dat had de auto die voor de winkel van Bert stond ook. Er loopt een barst over het glas van de lamp.
’Het is dezelfde auto tante Hetty.’
Mijn stem klinkt raar. Alsof ik onder water praat. Het gezicht van tante Hetty verstrakt.
’Oké, dan gaan we het nu serieus spelen. Hou je vast.’
Dat deed ik toch al, maar ik verstevig mijn greep. We rijden nu op de dijk langs de rivier. Het is de dijk waaraan ik met mijn vader en moeder woon. We rijden het huisje voorbij. Het lijkt te zeggen: ‘Zie je wel, je had beter thuis kunnen blijven.’
‘Even verderop kunnen we links afslaan tante.’
‘Je bedoelt bij dat huis met de groene luiken.’
‘Ja, precies, kijk daar is het al.’
Tante Hetty mindert vaart. Op dat moment komt er een motorrijder van de andere kant.
‘Shit, nu moet ik verder door rijden. Is er nog een andere afslag, Mara?’
‘Nee, alleen maar een fietspad.’
’Ik weet waar dat is. Dat is breed genoeg.’
We rijden weer verder. In de volgende bocht rijdt tante Hetty rechtdoor. Even lijkt het of we in de lucht in hangen, maar we belanden op het fietspad dat schuin naar beneden loopt. Een wielrenner steekt boos zijn vuist op in onze richting. De auto achter ons heeft te laat in de gaten dat we rechtdoor rijden. Hij kan ons niet volgen. Onder aan de dijk is een pad naar links. Het gaat naar een boerderij. We rijden het erf op en stoppen op een plek die niet te zien is vanaf de dijk.
’Wil je kersen als toetje?’
’Euh,’ ik denk dat ik het niet goed versta en kijk tante aan.
‘Of je kersen als toetje wil?’ Ze wijst naar een tafel met manden op het erf. ‘Ze verkopen hier groente en fruit.’
We stappen uit de auto. Ik kijk speurend de kant op van de dijk. Er is niets bijzonders te zien.
Tante Hetty rommelt in haar handtas. ‘De kersen kosten twee euro voor een zakje. Heb jij misschien kleingeld bij je?’
Tante is naar de boerderij gelopen. Ik zoek in mijn portemonnee en vind twee losse euro’s. ‘Hier,’ ik loop naar haar toe. Ze geeft mij een zakje met kersen en neemt het geld van mij aan. De euro’s verdwijnen in een geldkistje dat vastgespijkerd zit aan de tafel.
’Kom, ik denk dat we nu wel naar huis kunnen.’
‘Wie waren dat tante?’
‘Ik heb geen idee lieverd. In mijn werk kom je rare snuiters tegen. Misschien is het een klant die wil testen of ik koelbloedig genoeg ben om zijn advocaat te worden.’
Ik weet dat ze luchtig doet om mij niet ongerust te maken.
‘O, en Mara, straks zeggen we niets tegen je moeder. Ze heeft al genoeg aan haar hoofd.’
We rijden zwijgend terug naar de stad.

Direct deel 6

Samenvatting: Het is zomer. Ik ga logeren bij tante Hetty. Mijn moeder moet namelijk naar Katmandoe. Daar ligt mijn vader in het ziekenhuis nadat hij gered is op de Lhotse een bergtop naast de Mount Everest. Mijn vader is alpinist. Ik kan niet mee want ik zit in de laatste schoolweken voor de zomervakantie.

Tante Hetty is advocaat en eigenlijk is ze de tante van mijn moeder. Ze is niet getrouwd, rookt en drinkt als een ketter. Mijn moeder blijft maar weg en de schoolvakantie begint.
Ik verveel me. Ik staar in het scherm van de computer en het lijkt me uit te nodigen. Een jongen verschijnt in beeld en nodigt me uit de virtuele wereld in te stappen. Ik wil dat helemaal niet totdat blijkt dat tante Hetty in gevaar is. Iemand uit de onderwereld heeft het op haar gemunt. Ik stap toch de virtuele wereld en samen met de jongen, die Victor heet, ontmasker ik de misdadigers.

Geplaatst in Boeken, Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty, deel 4: Boodschappen

Dit is een fragment van mijn nieuwe verhaal. Onder dit fragment staat een samenvatting van hele verhaal. Wordt vervolgd.

‘Waar heb je trek in?’ vraagt ze als we de landrover instappen. ‘Een lekkere stoofschotel zal jullie goed doen.’ Ik denk helemaal niet aan eten maar knik toch. ‘Ja, dat zal ons goed doen.’ ‘Gooi die rommel maar op de achterbank.’ Tante Hetty kijkt in de buitenspiegel en geeft vol gas. Ik grijp me vast aan mijn stoel. De buitenkant van de auto zit vol met modder en je kunt alleen wat zien door de raampjes waar de ruitenwisser komt. Je zou denken dat we in het bos op jacht gaan naar voedsel maar we rijden gewoon naar het centrum van de stad. Parkeren is geen probleem voor tante Hetty, ze zet haar auto voor de winkel op de stoep. Ik hoop maar dat niemand van school ons ziet. De winkel is van een client van tante Hetty. Hij staat met een schort aan in de deuropening. Op het schort zitten roestige vlekken.‘Dag Hetty, je komt precies op het goede moment, de parkeerwacht is net de hoek om. ‘Als dat de kleine Mara niet is. Wat word jij groot, zeg!’ Ik haat dat, volwassenen die jou bijna nooit zien, maar wel denken iets van je te kunnen vinden.

‘Kom binnen meisjes, ik heb net lamsbouten gesneden.’ ‘Perfect voor mijn schotel, Bert. Je weet ook altijd precies wat ik nodig heb.’ We gaan achter hem aan de winkel in. Het is een oude delicatessen zaak. Het ruikt er naar kruiden en in de vitrines staan mooi opgemaakte schotels met lekker eten. Er is verder niemand in de winkel. Ik loop naar de kast met jam en chutney’s. Tante Hetty kijkt even naar mij, dan vraagt ze zachtjes aan Bert: ‘Heb je nog iets gehoord van je broer, is al bekend wanneer hij vrij komt?’ ‘Nee, dat duurt nog wel even, jij had hem ook moeten verdedigen. Dan was het heel anders gelopen.’ ‘Ja, dat spijt me, maar dat kon niet. Dat weet jij ook.’ Tante Hetty slaat in wat ze nodig heeft. Ze is snel klaar. We krijgen een plakje kaas en stappen met volle tassen naar buiten.
Als we de hoek om rijden zie ik tante Hetty in de achteruitkijkspiegel kijken. Haar ogen gaan steeds heen en weer van de voorruit naar de spiegel. Als ik een beetje vooroverbuig kan ik in de rechter buitenspiegel kijken. Hij is een beetje smerig maar ik kan net zien dat er een donkere auto achter ons rijdt. Tante Hetty ziet dat ik kijk. ‘Reed die auto daarstraks ook niet achter ons, Mara?’

Direct naar deel 5

Samenvatting: Het is zomer. Ik ga logeren bij tante Hetty. Mijn moeder moet namelijk naar Katmandoe. Daar ligt mijn vader in het ziekenhuis nadat hij gered is op de Lhotse een bergtop naast de Mount Everest. Mijn vader is alpinist. Ik kan niet mee want ik zit in de laatste schoolweken voor de zomervakantie.

Tante Hetty is advocaat en eigenlijk is ze de tante van mijn moeder. Ze is niet getrouwd, rookt en drinkt als een ketter. Mijn moeder blijft maar weg en de schoolvakantie begint.
Ik verveel me. Ik staar in het scherm van de computer en het lijkt me uit te nodigen. Een jongen verschijnt in beeld en nodigt me uit de virtuele wereld in te stappen. Ik wil dat helemaal niet totdat blijkt dat tante Hetty in gevaar is. Iemand uit de onderwereld heeft het op haar gemunt. Ik stap toch de virtuele wereld en samen met de jongen, die Victor heet, ontmasker ik de misdadigers.

Geplaatst in Boeken, Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty, deel 3: Logeren

Dit is een fragment van mijn nieuwe verhaal. Onder dit fragment staat een samenvatting van hele verhaal. Wordt vervolgd.

Het klopt wel dat ik graag bij tante Hetty ben. Later wil ik net als zij advocaat worden. Alleen ga ik niet roken. Ik ga nu naar het VWO en straks ga ik rechten studeren. Iedereen denkt dat dat heel saai is. Ik vind het niet saai. Je moet goed kunnen nadenken en alles willen weten. Een advocaat verdedigt misdadigers. De politie en de officier van justitie denken te weten hoe het zit en wie het heeft gedaan. Een advocaat vindt uit dat ze niet goed hebben nagedacht. Dan hebben ze geen bewijs meer en is jouw misdadiger vrij. Tante Hetty noemt haar misdadigers trouwens cliënten. Die zijn heel tevreden over haar. Als ze haar niet kunnen betalen krijgt ze cadeau’s en soms ook als ze haar wel kunnen betalen. Zo blij zijn ze. Alle cadeau’s krijgen een plek in haar huis, het zijn haar trofeeën. Ik vind ze niet allemaal mooi en sommige zijn echt griezelig. Langs de trap naar boven hangen Afrikaanse maskers. Als ik ’s nachts naar de w.c. moet, staren hun holle ogen me na. Ze prikken in mijn rug en ik ben blij als ik het lichtknopje gevonden heb en de deur op slot kan doen. Terug is minder erg, dan kan ik ze aankijken.

Ik hoef vandaag niet school. Mijn moeder is nu van alles aan het regelen om naar Nepal te kunnen. Straks brengt ze me naar tante Hetty. Ik hoef alleen maar een tas in te pakken. Mijn tekenspullen en mijn dagboek leg ik boven op.

Tante Hetty staat al bij de voordeur als we de auto de oprit naast het huis oprijden. ‘Hallo lieverds. Is dat alles wat je bij je hebt?’ Ze wijst vragend naar mijn tas. ‘Het is hopelijk maar voor een paar dagen,” zegt mijn moeder. ‘Als Mara iets nodig heeft kan ze het zo gaan halen. Dan kan ze gelijk naar de post kijken en de planten water geven.’ Ik breng de tas gelijk naar boven. Ik ben hier zo vaak. De logeerkamer is daarom een beetje mijn kamer. Tante Hetty heeft het bed al opengeslagen. Haar oude teddybeer kijkt me aan vanaf het nachtkastje. Met één oog, het andere hangt een beetje los en kijkt naar beneden.
Als ik weer beneden kom, zitten mijn moeder en tante Hetty aan de koffie. ‘Als je hulp nodig hebt, moet je het me onmiddellijk vertellen. Ik ken iemand die pas voor Human Right Watch in Nepal is geweest. Hij kent daar genoeg mensen.’ Tante Hetty kent altijd wel iemand die kan helpen. Altijd iemand die de weg weet en de regeltjes kent.
Ze kijken me nu allebei aan. ‘Tante Hetty heeft speciaal voor ons vandaag haar agenda leeg gemaakt, is dat niet ontzettend lief?’ ‘Wij gaan vandaag wat lekkers maken in de keuken en je moeder gaat alles en iedereen bellen om zo snel mogelijk naar Kathmandoe te kunnen. Maar eerst gaan wij tweetjes boodschappen doen.’ Boodschappen doen met tante Hetty is al een avontuur op zich weet ik uit ervaring.

Direct naar deel 4

Samenvatting: Het is zomer. Ik ga logeren bij tante Hetty. Mijn moeder moet namelijk naar Katmandoe. Daar ligt mijn vader in het ziekenhuis nadat hij gered is op de Lhotse een bergtop naast de Mount Everest. Mijn vader is alpinist. Ik kan niet mee want ik zit in de laatste schoolweken voor de zomervakantie.
Tante Hetty is advocaat en eigenlijk is ze de tante van mijn moeder. Ze is niet getrouwd, rookt en drinkt als een ketter. Mijn moeder blijft maar weg en de schoolvakantie begint.
Ik verveel me. Ik staar in het scherm van de computer en het lijkt me uit te nodigen. Een jongen verschijnt in beeld en nodigt me uit de virtuele wereld in te stappen. Ik wil dat helemaal niet totdat blijkt dat tante Hetty in gevaar is. Iemand uit de onderwereld heeft het op haar gemunt. Ik stap toch de virtuele wereld en samen met de jongen, die Victor heet, ontmasker ik de misdadigers.

Geplaatst in Boeken, Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty, deel 2: Wachten

Dit is een fragment van mijn nieuwe verhaal. Onder dit fragment staat een samenvatting van hele verhaal. Wordt vervolgd.

We kijken de rest van de avond samen naar de televisie. Ik zie hoofden met elkaar praten. Er komen woorden uit, dat hoor ik, maar heb geen idee waar ze het over hebben. Buiten is het nu helmaal donker en stil. Alle dagjesmensen zijn ondertussen veilig thuis. ‘Wil je niet liever bij mij in bed slapen, Mara?’ Dat wil ik zeker liever en samen met mama ga ik naar boven. Toen ik nog klein was kroop ik vaak bij haar in het grote bed. Dat mocht als ik eng gedroomd had, maar ik deed het ook als het koud was. Ik kroop tegen haar warme rug aan en luisterde naar haar ademhaling tot ik weer kon slapen. Maar dat is al lang geleden en het voelt nu een beetje raar om zo naast mijn moeder te liggen en slaap heb ik niet. Door mijn hoofd gaan allerlei vragen. Is de batterij van mama’s telefoon wel opgeladen? Hebben we wel genoeg bereik boven? Gedachten over wat er op de berg gaande is probeer ik weg te drukken.

Ik word wakker van de stem van mijn moeder aan de telefoon. Ze is beneden. Ze praat in het Engels, het zijn korte zinnen en dan weer lange stiltes. Een paar keer denk ik dat het gesprek is afgelopen, maar het gaat maar door. Dan is het ineens toch opgehouden en komt mijn moeder naar boven. Als ze de slaapkamer inloopt zie ik aan haar gezicht dat ze gerustgesteld is.
‘Dat was de politie in Katmandoe, ze hebben contact gehad met de reddingwerkers en iedereen is weer veilig op het basiskamp. Papa zat klem tussen de rotsblokken en heeft een paar ribben gebroken en een hersenschudding. Ook was hij onderkoeld. Zodra hij vervoerd kan worden brengen ze hem naar het ziekenhuis.” Mijn moeder ploft naast me op het bed en kust me. Ik ben zo blij Mara fluistert ze in mijn haar. Ik slik mijn tranen in en zeg, ‘ik ook mama.’ ‘Het betekent alleen Mara, dat ik naar Katmandoe moet om bij papa te zijn als hij naar het ziekenhuis gaat. Dat ga ik vandaag allemaal regelen. Wil jij bij tante Hetty logeren?’ Ik krijg het helemaal warm. ‘Nee, ik wil mee naar papa.’ Het klinkt bozer dan ik wil. Ik moet rustiger doen, wil ik mijn moeder over halen. ‘Het is toch al bijna vakantie, wat maken die paar dagen uit?’, zeg ik mijn liefste stemmetje. ‘Nee, Mara, het zijn een paar weken en je hebt er niets aan om daar te zijn.’  Ik voel dat ik mijn tranen niet meer kan tegenhouden. ‘Ach meisje,’ zegt mijn moeder nu zachter. ‘Ik begrijp heel goed dat je papa heel wil zien. Dat wil ik ook, maar het is gewoon niet handig. Ik weet niet hoe het daar zal gaan en dan heb ik ook nog zorgen om jou. Je vindt het toch altijd leuk bij tante Hetty.’ Ik kan er van alles tegen inbrengen maar aan haar stem hoor ik dat dat geen zin meer heeft. Mijn moeder heeft haar besluit genomen. Ik ga niet mee.

Direct naar deel 3

Samenvatting: Het is zomer. Ik ga logeren bij tante Hetty. Mijn moeder moet namelijk naar Katmandoe. Daar ligt mijn vader in het ziekenhuis nadat hij gered is op de Lhotse een bergtop naast de Mount Everest. Mijn vader is alpinist. Ik kan niet mee want ik zit in de laatste schoolweken voor de zomervakantie.
Tante Hetty is advocaat en eigenlijk is ze de tante van mijn moeder. Ze is niet getrouwd, rookt en drinkt als een ketter. Mijn moeder blijft maar weg en de schoolvakantie begint.
Ik verveel me. Ik staar in het scherm van de computer en het lijkt me uit te nodigen. Een jongen verschijnt in beeld en nodigt me uit de virtuele wereld in te stappen. Ik wil dat helemaal niet totdat blijkt dat tante Hetty in gevaar is. Iemand uit de onderwereld heeft het op haar gemunt. Ik stap toch de virtuele wereld en samen met de jongen, die Victor heet, ontmasker ik de misdadigers.

Geplaatst in Boeken, Mijn tante Hetty

Mijn tante Hetty, deel 1: Telefoon

Dit is een fragment van mijn nieuwe verhaal. Onder het fragment staat een samenvatting van hele verhaal. Wordt vervolgd.

Op school denken ze dat ik een spannend leven heb omdat mijn vader alpinist is. Ik zal je verklappen: er is niets spannends aan. Mijn vader is bijna het hele jaar weg om een berg te beklimmen. Mijn moeder en ik zijn dus meestal alleen thuis. Ik vind dat helemaal niet erg. Ik ben het liefste thuis. We wonen in een klein maar gezellig huisje op een dijk. Een groter huis kunnen we ons niet veroorloven, al het geld is nodig voor de expedities van mijn vader. Je zou het niet denken, maar het beklimmen van een berg kost heel veel geld. Een paar stevige schoenen, een waterdichte rugzak met eten en water en een warme jas is nog maar een begin. Er komt nog veel meer bij kijken. Eerst moet een expeditie gepland worden. Wat is de beste tijd van het jaar om in dat gebergte die piek te gaan beklimmen? Dat hangt helemaal af van waar het gebergte is. Op het zuidelijk halfrond zijn de seizoenen anders dan bij ons. Dan moet de route worden uitgestippeld. Hoeveel dragers zijn er nodig? Waar moet er een kamp komen? De mensen die dat bedenken moeten betaald worden, maar ook de mensen die straks mee gaan om te helpen. Mijn vader is daarom voortdurend in de weer met sponsors. Dat zijn bedrijven die bijvoorbeeld waterdichte kleding maken en een foto van mijn vader op de top willen met een stoere jas aan met hun logo er op. Bedrijven betalen hem ook om nieuwe uitvindingen uit te proberen zoals tandpasta die niet bevriest. Dat is ook goed voor de foto’s op de top.

Ik hoef eigenlijk ook geen groot huis. Ik heb een kamer helemaal voor mezelf en daar ben ik nu. Aan de voorkant heb ik de rivier. In de winter is het niet zo druk, een enkele keer zie ik een rijnaak voorbij komen. Je weet wel zo’n lange boot met aan het eind een huisje. In dat lange gedeelte van de boot zit de vracht. Je kunt niet zien wat er in zit, meestal zijn het kolen die naar Duitsland gaan of nog verder weg. In het huisje op het dek is de stuurhut en de kajuit van de schipper. Meestal zijn ze met zijn tweeën, een man en een vrouw. Ik vraag me altijd af hoe dat zou zijn. Altijd thuis zijn lijkt me heel fijn maar steeds in een andere plaats aanleggen waar je niemand kent lijkt me weer helemaal niets. Ze hebben in ieder geval elkaar en die kajuiten zien er altijd knus uit.
In de zomer is het drukker op het water, zeker als het mooi weer is. Dan varen er ook plezierjachten en bootjes in allerlei maten. Dat gaat de hele dag door. Als ik in mijn bed lig met het raam open, luister ik naar het geluid van het water, het zachte gepruttel van de motoren en de flarden van gesprekken die voorbijkomen. Meestal is het heel gezellig op de bootjes en wordt er veel gelachen. Soms is er ruzie, iedereen is moe van een hele dag op het water en zijn ze veel verder gevaren dan de bedoeling was. Dan ben ik blij dat ik thuis in mijn eigen bed lig en weet dat mijn moeder beneden nog wat zit te lezen of de afwasmachine uitruimt.
Zoals vanavond, alleen is mijn moeder nu bezig met het aanbraden van het gehakt voor de pastasaus met tomaten en champignons. Morgen is het maandag en als ik dan uit school kom hoef ik alleen maar een pan water op te zetten en de sla aan te maken. Tegen de tijd dat mijn moeder thuiskomt kookt het water en gooi ik de macaroni schelpjes in de pan. Die vind ik het lekkerste. Samen dekken we de tafel. Als de macaroni gaar is maakt mijn moeder er met de saus een heerlijke pasta van met kaas.
Ik vergeet helemaal te vertellen hoe de achterkant van ons huis er uit ziet. Aan de achterkant is ons huis hoger. Ik kijk vanuit mijn kamer op de tuin met appelbomen. De tuin eindigt met een heg en daarachter is helemaal niets, eindeloze weilanden met slootjes ertussen. In de verte zie je een kerktoren en wat hoge gebouwen. Daar is de stad en daar fiets ik elke dag naar toe als ik naar school ga.
Ik krijg een beetje trek van de geur die uit de keuken komt. Misschien is er nog een stukje kaas voor me. Als ik op de overloop sta hoor ik de telefoon van mijn moeder. Ze neemt op. ‘Hallo met Margreet Nelemans, met wie spreek ik?’ Als ze dat zegt weet ik dat het geen bekende is. Even is het stil, dan begint mijn moeder in het Engels, ik kan het niet helemaal volgen want ze is de keuken uitgelopen. Ik hoor ‘accident’, ongeluk en ‘several hours’, enkele uren en ‘extreme bad weather’ erg slecht weer. Het gesprek gaat nog even verder, mijn moeder staat nu in de tuin en ik kan niet meer afluisteren. Ik ga maar op de trap zitten. Wie zou ze aan de telefoon hebben?
Na enkele minuten hoor ik dat mijn moeder de keuken weer in komt. ‘Mara, waar ben je,’ roept ze. ‘Ik ben op de trap, mama’. Mijn moeder verschijnt onder aan de trap. Ik weet niet wat er aan de hand is, maar ik zie aan haar gezicht dat het geen goed nieuws is. Met twee stappen ben ik beneden. Ze slaat haar armen om me heen. ‘Mara, er is iets heel ergs gebeurt. Papa is met zijn sherpa’s overvallen door een lawine. Ze zijn druk bezig om iedereen te zoeken.’ Ik voel me duizelig worden en druk me stevig tegen haar aan. Zo blijven we een tijdje staan. Ik weet zeker dat het in haar hoofd net zo stormt als in het mijne. Ik hoor de sherpa’s roepen, en papa, mijn papa, boven de storm uit. ‘We kunnen niets doen dan wachten,’ zegt mijn moeder. ‘Zo snel als ze meer weten zullen ze ons bellen, het is daar net dag geworden. Misschien horen we vannacht nog wat.’ We laten elkaar los. Ik ga op een keukenstoel zitten, ik heb helemaal geen trek meer in kaas. Mijn moeder gaat druk in de pan roeren op het fornuis. Ik kijk naar haar rug. Wachten is het ergste dat er is, dat weet ik nu al.

Direct naar deel 2

 

Samenvatting: Het is zomer. Ik ga logeren bij tante Hetty. Mijn moeder moet namelijk naar Katmandoe. Daar ligt mijn vader in het ziekenhuis nadat hij gered is op de Lhotse een bergtop naast de Mount Everest. Mijn vader is alpinist. Ik kan niet mee want ik zit in de laatste schoolweken voor de zomervakantie.
Tante Hetty is advocaat en eigenlijk is ze de tante van mijn moeder. Ze is niet getrouwd, rookt en drinkt als een ketter. Mijn moeder blijft maar weg en de schoolvakantie begint.
Ik verveel me. Ik staar in het scherm van de computer en het lijkt me uit te nodigen. Een jongen verschijnt in beeld en nodigt me uit de virtuele wereld in te stappen. Ik wil dat helemaal niet totdat blijkt dat tante Hetty in gevaar is. Iemand uit de onderwereld heeft het op haar gemunt. Ik stap toch de virtuele wereld en samen met de jongen, die Victor heet, ontmasker ik de misdadigers.

Geplaatst in Boeken, Huis, tuin en keuken, Kunst en Cultuur

Gesteld, je hebt een schaap verdriet gedaan

Gesteld, je hebt een schaap verdriet gedaanGesteld, je hebt een schaap verdriet gedaan.

(Gesteld betekent: denk maar dat het kan.)

Gesteld, het schaap is in de hoek gaan staan

en is beledigd. Ja, wat dan?

Zeg dan wat liefs, al is het ook maar weinig.

Je kunt hem ook over zijn vacht gaan aaien.

Vraag niet: ‘Waarom ben jij toch zo sjagrijnig?’

Alleen maar lief zijn, dat-ie bij kan draaien.

Kom nou niet aan met: ‘Ik woon in de stad,

dus het bestaat niet dat ik ruzie krijg met schapen.’

Gesteld dat jij daar groot gelijk in had,

dan zou ‘k er tóch een nachtje over slapen.

Een aardig woord valt in de smaak.

Dat geldt voor schapen, en geldt overal.

En schapen vind je zo ontzettend vaak.

Heus niet alleen in de wei of de stal.

(Waar dan nog meer?)

Dit is één van mijn favoriete gedichten. Het is van Robert Gernhardt en werd voorzien van mooi tekeningen door zijn vrouw Almut Gernhardt. Willem Wilmink vertaalde het naar het Nederlands (in de bundel: Ik zie ik zie wat jij niet hoort).Ik kreeg het gedicht als wijze boodschap cadeau van een vriendin op mijn trouwdag. Het mooie is, het blijft waar, in het groot en in het klein. Geloof je het niet, dan zou ik er toch een nachtje over slapen.

 

 

 

Geplaatst in Boeken, Huis, tuin en keuken

Winnaar prijsvraag bekend!

mosselen in tomatensausDe jury heeft zich beraden over de inzendingen op de vraag: Wie of wat is Carla? Er waren drie antwoorden mogelijk, maar alle inzenders wisten dat Carla een mossel was. Een weggevertje dus, helaas. De taak van de jury hield dus niet meer in dan een naam trekken uit alle inzendingen. En geheel toevallig is dat iemand geworden die Carla heet. Ondertussen heeft zij het boekje al in haar bezit.

 

Een volgende keer maak ik er echte hersenkraker van.

Geplaatst in Boeken, Werk

Zo’n dag: Overleven in de kantoorjungle

kantoorjungleStel je hebt zo’n dag dat je je auto of fiets naar de garage of de fietsenmaker brengt en je hebt precies genoeg tijd om met zo’n leenfiets met terugtraprem op kantoor te komen.

Zo'n dag

Dat je ondanks wind tegen en gevaarlijke uitwijk manoeuvres veilig en op tijd aankomt bij je werk. Je rent direct naar de vergaderruimte voor het werkoverleg. Er is nog niemand en dat dat na vijf minuten ongemakkelijk wordt en dat je op je telefoon kijkt. Een kwartier geleden is er een mail rond gegaan dat het werkoverleg verplaatst is naar een andere vergaderruimte. Lees verder “Zo’n dag: Overleven in de kantoorjungle”